Onze website gebruikt cookies om je surfervaring te verbeteren. Om deze website optimaal te gebruiken vragen we je om akkoord te gaan met ons gebruik van cookies.

Ik ga akkoord liever niet.
Reeks

50 jaar HLN | 3. Een krant en haar redactie

Om de uitgave van de krant en enkele tijdschriften te bolwerken, beschikt Het Laatste Nieuws eind jaren dertig over een van de grootste krantenredacties van het land. Onder het waakzame oog van Julius Hoste leidt hoofdredacteur Marcel Stijns een diverse ploeg redacteurs, onder wie heel wat bekende figuren.

Sébastien Baudart
4 juni 2025

Marcel Stijns, uit Annuaire Officiel de la Presse Belge 1933, p. 80.

Een uitgebreide en diverse redactie

Net voor de Duitse inval van 10 mei 1940 beschikt Het Laatste Nieuws over een veertigkoppige redactie, aangevuld met drie fotografen. In vergelijking met de andere Belgische perstitels is dit een vrij uitgebreide ploeg.1 De meeste kranten moeten het immers met (heel wat) minder redacteurs doen. De comfortabele bezetting op de redactie van Het Laatste Nieuws laat toe dat veel redacteurs zich in bepaalde thema’s specialiseren. Dit was echter niet altijd het geval: begin jaren twintig2 bijvoorbeeld werkten er naast Julius Hoste jr. slechts zeven redacteurs. Van hen zijn er eind jaren dertig nog drie in dienst. 

Voor het aansturen van al deze journalisten en ondersteunende redactiemedewerkers kan eigenaar-directeur Julius Hoste jr. steunen op Marcel Stijns (°1900), die sinds de start van Hostes ministerschap in 1936 de rol van hoofdredacteur vervult. Twee redactiesecretarissen - taalpurist August Woulff (°1879) en muziekjournalist Jan Hadermann (°1900) - leiden ‘als spil van het informatiebedrijf’3 het werk verder organisatorisch in goede banen, en zorgen onder andere voor de verdeling van het werk onder de redacteurs en de ‘taalzuivering’ van de artikels. Mark Belloy (°1902) is redacteur-vormopmaker: hij coördineert, in samenwerking met het redactiesecretariaat, de opmaak van de krant in de zetterij, aan de zogenaamde ‘steen’.

Henri Degrave, ca. 1938.

edactiesecretaris Woulff, op de krant gestart in augustus 1911, is meteen ook de redacteur met de langste staat van dienst. De Oostendse Willemsfondser Henri Degrave (°1915) en letterkundige August Van Boeckxsel (°1888), als proeflezers in dienst genomen in juni en november 1939, zijn de recentste aanwervingen. Alle overige, zowel van jonge wolven  (al dan niet rechtstreeks van de schoolbanken) als van meer ervaren krachten, situeren zich tussen beide uiterste data en weerspiegelen de groei van de krant tijdens de drie voorbije decennia. De gemiddelde leeftijd op de redactie ligt bij de jaarovergang van 1939-1940 net boven de achtendertig jaar.

Op de Nederlander Gerard Angenent (°1908) en de tijdens de Eerste Wereldoorlog in het Engelse Chippenham geboren Degrave na, zijn alle redacteurs in België geboren4, in een zone van Blankenberge tot Diest, en van Antwerpen tot het Naamse Walcourt.  Hoewel slechts een vijfde afkomstig is uit Brussel en omgeving, wonen bijna alle redacteurs in de Brusselse agglomeratie, zoals de directie5 van de krant van hen verwacht. Onder de veertig redactieleden vinden we twee vrouwen: P. Maes en Mariette Schotte (°1912).

Bijdragen voor Kindergeluk door de HLN-redactie (Het Laatste Nieuws, 21 oktober 1937, p. 2).

Redacteursprofielen

De ervaring en de vertrouwdheid van de redactie met Het Laatste Nieuws en de familie Hoste is groot, meer dan de helft van de redactiemedewerkers heeft de in 1933 overleden Julius Hoste sr. nog gekend. Via lidmaatschap6 van het Willemsfonds en/of het Liberaal Vlaams Verbond heeft eveneens meer dan de helft van de redactieleden in 1940 ook buiten de krant een band met de liberale zuil, terwijl sommigen in de loop der jaren ook actief waren binnen bijvoorbeeld de Liberale Volksbond of - het door een groot deel van de redactie financieel gesteunde - Kindergeluk.

Huwelijk van John Sacré met Annie Hans, 1935. Abraham Hans (met hoed) staat links achteraan.

Deze zuilrelatie en verschillende familiebanden binnen de redactie illustreren hoe Hoste voor de aanwerving van nieuwe redacteurs vooral zijn eigen netwerk en dat van zijn medewerkers aanspreekt: neven Frans Beckers (alias Frans Demers, °1905) en René Wellens (°1914), broers Johan (°1876) en Joris De Maegt (°1897), vader Piet (°1881) en zoon Henri (°1906) Destrebecq, Abraham Hans (°1882), zijn dochters Annie (°1908) en Helena (°1909) - die een tijd als proeflezeressen werken - en zijn schoonzoon John Sacré (°1910). Ook op andere afdelingen van het bedrijf komen familiebanden voor: verkoopsinspecteur Leon Hadermann is een oudere broer van redactiesecretaris Jan Hadermann, de broers Jan en Eugène Buyse, zonen van redacteur Jos Buyse, werken respectievelijk als persfotograaf en boekhouder voor Het Laatste Nieuws.

‘Bij dezelfde gelegenheid laat ik U weten dat wij nog naar een geschikte medewerker voor onze redaktie zoeken. Moest gij iemand kennen die betrouwbaar is en die zijn taal goed kent, zo houden wij ons voor Uw inlichtingen aanbevolen.’7

(Julius Hoste jr. aan vertrouweling en lokaal correspondent Richard Maerten, 7 maart 1936)

De journalisten zijn grotendeels kinderen van (geschoolde) arbeiders en ambachtslieden, kleine zelfstandigen en bedienden (van wie minstens drie journalisten). Hun opleidingsniveau is divers, van een autodidact (en ex-politieagent) als Cypriaan Verhavert (°1877) tot redacteurs met een hoger diploma. Sommigen hebben enkel hun middelbaar onderwijs afgewerkt (zoals Belloy, Robert Peeters (°1892) en Leo Verhoeven (°1914)), al zijn enkelen (zoals Beckers) wel aan hogere studies begonnen. Anderen studeerden af in het hoger onderwijs (zo zijn Stijns en Wellens regent Germaanse talen) of volgden een universitaire opleiding, zoals Mariette Schotte (licentiate kunstgeschiedenis en oudheidkunde), Leo Schalckens (°1902, licentiaat in de politieke en koloniale wetenschappen) en Hendrik Van de Putte (°1912, licentiaat handelswetenschappen).

Lode Vanhaelst, [ca. 1940] (Collectie Stad Antwerpen, Letterenhuis).

Minstens drie universitair afgestudeerden zijn, net als Julius Hoste jr. zelf, doctor in de rechten: Frans Meire (°1905), Lode Vanhaelst (°1912) en Marcel Daman (°1914). Proeflezer Urbain Biesbrouck (°1908) volgde een opleiding tot leerkracht stenografie. Aangezien de meeste aangeworvenen geen journalistieke achtergrond hebben, leren ze op de redactie het vak van de ‘anciens’, al dan niet beginnend als proeflezer of als redacteur bij de zogenaamde ‘gemengde berichten’ of ‘gebroken armen en benen’. Sommigen beginnen als correspondent of losse medewerker, zoals Maurits Goetghebeur (°1885), die al tijdens de jaren twintig aan Het Laatste Nieuws meewerkt, maar pas in 1930 in dienst treedt. Ook Victor Resseler (°1877) is eerst los medewerker (1908) en Antwerps correspondent (1912) van de krant, voor hij in 1919 in dienst komt als hoofd van de Antwerpse redactie. Het is niet duidelijk of sommige redacteurs lessen volgen of volgden aan het Instituut voor Journalisten, waar Marcel Stijns een van de lesgevers is.

Cyriel Baeyens, 1939.

Volgens een getuigenis8 van journalist Hendrik De Maeyer, die in 1936 bij Het Laatste Nieuws solliciteerde, heeft een opleiding in het niet-confessionele onderwijs een ernstige meerwaarde om op de krant te starten. In 1986 vertelt hij dat Cyriel Baeyens tijdens het sollicitatiegesprek positief was over De Maeyers opleiding aan de Rijksuniversiteit Gent, maar bedenkingen had bij zijn middelbare studies aan het Sint-Pieterscollege in Jette omwille van het vrijzinnig karakter van Het Laatste Nieuws.

Robert Peeters, (Het Laatste Nieuws, 9 januari 1940, p. 2).

Toch hoeft een afwijkende achtergrond niet per se een probleem te zijn. Redacteur Richard Desmet (°1899) stapte in 1937 bijvoorbeeld over van de katholieke krant Sportwereld, terwijl de vader9 van Robert Peeters jaren als redacteur voor het katholieke Het Nieuws van den Dag werkte. Piet Destrebecq en Jules Verschueren (°1889) maakten in 1918 en 1927 de meer logische overstap vanuit liberale kranten, respectievelijk het Brusselse La Dernière Heure en de Gazet van Gent. Frans Beckers werkte in zijn jonge jaren, halfweg de jaren twintig, dan weer een tijd voor De Schelde, het Vlaams-nationale ‘groote Morgenblad van Antwerpen’. Ook Jos Buyse heeft een Vlaams-nationale achtergrond, onder andere via betrokkenheid bij het activisme tijdens de Eerste Wereldoorlog, een beweging waarmee ook Joris De Maegt10 in verband gebracht wordt.

‘Bij zijn overgang naar Het Laatste Nieuws liet F.B. niet na de h. Hoste te wijzen op zijn Antwerpse Schelde-periode. Dat hinderde niet, zei de baas, om de Vlaamse politiek hoef jij je hier niet te bekommeren. Daar zorg ik voor.’11

(Frans Beckers in 1953)

August Van Boeckxsel (Radio-post, nr. 28 (10 april 1932), p. 8.) Collectie KBR B 3.489.

Op 10 mei 1940 variëren de lonen12 van de redactieleden van 1.300 tot 5.700 Belgische frank per maand, het gemiddelde13 ligt iets boven de drieduizend frank. Het laagste loon is dat van de recent aangeworven proeflezer Van Boeckxsel, de grootverdieners zijn redactiesecretarissen Woulff (5.700 frank) en Hadermann (5.200 frank), die respectievelijk 28 en 17 jaar in dienst zijn. Waarschijnlijk ligt het loon van hoofdredacteur Stijns nog net iets hoger. Ter vergelijking: hoofdboekhouder Jan Hereng verdient op hetzelfde moment 6.900 Belgische frank per maand, terwijl de dag- en de nachtportiers14 van de krant elk 750 frank per maand ontvangen.

Linksboven: Fernand Smedts, 1942. Rechtsboven: Albert Holemans, 1942. Linksonder: Marcel Patteet, 1942. Rechtsonder: Constant Van Buggenhout, 1942.

Voor wie op de Brusselse redactie het statuut van redacteur heeft (en dus niet van proeflezer, of zoals Eugène Praet (°1914), gewoon redactiebediende), ligt - met dank aan de Algemeene Belgische Persbond15 - het minimumloon op 2.000 frank16 per maand. Hoewel ze reeds in 1935 en 1936 werden aangeworven, werken redacteurs als Van de Putte, Fernand Smedts (°1914), Albert Holemans (°1915) en Marcel Patteet (°1909) in mei 1940 nog steeds aan dit maandloon van 2000 frank, maar ook iemand als de in 1933 op oudere leeftijd aangeworven Constant Van Buggenhout (°1879) moet het stellen met 2200 frank. Volgens ‘de gewoonte van het huis’17 krijgen redactieleden bij een huwelijk of de geboorte van een kind telkens honderd frank opslag. Daarnaast lijken loonsverhogingen vooral af te hangen van de goede wil van administratief directeur Cyriel Baeyens en van Julius Hoste zelf.

Fotografie

Nieuwsfoto’s zijn essentieel voor Het Laatste Nieuws door het toenemende belang van beeld in de dagbladpers. Naast internationale persagentschappen zorgen ook drie aan de krant verbonden persfotografen voor het nodige beeldmateriaal: Edward Cluytens, Jan Buyse (°1913) en Frans D’Haenens.

Marcel De Ceulener en Joris De Maegt in 1942.

De Persbond

Aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog zijn 29 van de 40 redactieleden, net als Julius Hoste, lid van de Algemeene Belgische Persbond.18 En net als Hoste nemen sommigen van hen binnen de bond of verwante verenigingen bestuursfuncties op, of liggen ze mee aan de basis van de oprichting ervan. Zo was Piet Destrebecq in 1913 een van de stichters van de Association Professionnelle Belge des Journalistes Sportifs/Beroepsbond der Belgische Sportjournalisten, en richtte Joris De Maegt in 1925 de Beroepsvereniging van de Belgische Filmpers/Association Professionelle de la Presse Cinématographique Belge (BBF/APPCB) mee op.

Uit het Jaarboek van de Belgische Pers 1937-1938, p. 294.

n 1937 is Marcel De Ceulener (°1902) adjunct-secretaris van de Brusselse afdeling van de Persbond (hij brengt het in 1939 tot ondervoorzitter), syndicus van de Presse d’Information et de Reportage en voorzitter van de Hulpkas van de Beroepsvereniging van de Belgische Filmpers. Joris De Maegt is secretaris van De Toekomst van den Journalist en Piet Destrebecq secretaris-generaal van de Beroepsbond der Belgische Sportjournalisten.

Marcel Stijns combineert de functies van bestuurslid van het Pershuis, penningmeester van de Beroepsunie van de Belgische Pers, secretaris van de Bond der Liberale Dagbladschrijvers van België en van de Mutualiteitsvereeniging van de Belgische Pers, en secretaris-penningmeester van de Verzekering van de Dagbladpers en van het Instituut voor Belgische Journalisten.

Bij de fotografen is Jan Buyse secretaris van de in november 1939 opgerichte Association Générale des Reporters Photographes de la Presse Quotidienne Belge / Algemeene Bond van Fotoreporters van de Belgische Dagbladpers.

Het eerste nummer van De Illustratie, 1 april 1936.

Meer dan Het Laatste Nieuws

Naast hun werk voor de krant staan de redactieleden ook in voor het informatieve weekblad De Zweep, in 1869 - bijna twintig jaar voor Het Laatste Nieuws - opgericht door Julius Hoste sr. Van april 1936 tot december 1937 leveren de journalisten ook heel wat artikels voor het nieuwe, luxueuze geïllustreerde weekblad De Illustratie, dat echter geen lang leven beschoren is. De andere tijdschriften van de uitgeverij vragen minder inzet: Onze Wekelijksche Aflevering, dat al meer dan vijftig jaargangen lang romans in afleveringen brengt, en het vrouwenweekblad Het Rijk der Vrouw, dat sinds 1931 verschijnt als opvolger van het in 1925 gelanceerde Het Modeblad (voor het huisgezin) en grotendeels de inhoud van het door Jean Meuwissen uitgegeven Femmes d’Aujourd’hui overneemt. Daarnaast publiceert Het Laatste Nieuws jaarlijks een divers samengestelde Almanak van Uilenspiegel.19

Plaatselijk nieuws door lokale correspondenten uit West-Vlaanderen, Het Laatste Nieuws, 1 mei 1939, p. 4.

Lokale nieuwsbezorgers

Een van de sterktes van Het Laatste Nieuws is de uitgebreide regionale verslaggeving, gebaseerd op een uitgebreid netwerk van lokale correspondenten. Zij bezorgen de krant berichten over divers plaatselijk nieuws, van de klassieke faits divers tot verslagen van verenigingswerking. In de krant herkent men deze berichten aan de ondertekening van het type ‘Xy.’, waarbij de hoofdletter meestal staat voor de woonplaats van de berichtgever.20 De krant verzoekt haar lokale medewerkers onder andere hun bijdragen ‘zoo duidelijk mogelijk te schrijven’, ‘kort en zakelijk’ op te stellen en tijdig - minstens een uur voor het ter perse gaan - aan de redactie te bezorgen, in dringende gevallen via telegraaf of telefoon.21 En aangezien ook voor lokaal nieuws foto’s van belang zijn, krijgen de correspondenten per gepubliceerde foto een extra vergoeding.22

Sommige lokale correspondenten krijgen een grotere rol, zoals Richard Maerten. Hij is een Brugse belastingambtenaar die erg actief is in het liberale verenigingsleven, en doorheen de jaren, mede dankzij een uitgebreide briefwisseling met Julius Hoste jr., uitgroeit tot een van diens vertrouwenspersonen. Vanaf 1919 voorziet hij Het Laatste Nieuws van Brugse berichtgeving.23

Om nog sterker op lokale aspecten te kunnen inspelen, beschikt Het Laatste Nieuws eind jaren dertig over twee kleine bijkantoren, gevestigd in Gent (Kortedagsteeg) en Antwerpen (Lange Nieuwstraat), waar telkens ook redacteurs aan het werk zijn. Vanuit Gent werkt Jules Verschueren, in Antwerpen coördineert Victor Resseler een kleine ploeg, met naast hemzelf ook Jef De Potter (°1909) en Jozef De Groodt (°1909). De journalisten worden op beide locaties ondersteund door een administratief medewerker.

Boven: John Sacré, 1942. Midden: Hendrik Van de Putte (linksboven), Marcel Daman, 1932 (rechtsboven), Albert Van den Berghe (linksonder) en Benjamin Van Hoorebeeck (rechtsonder). Onder: Arthur Vandenbak (Het Laatste Nieuws,  5 maart 1942, p. 4).

Bekende redacteurs?

Slechts een klein deel van de artikels die in Het Laatste Nieuws verschijnen, is ondertekend. Naast editorialen of andere hoofdartikels op de voorpagina gaat het meestal om grote reportages, beschouwende artikels in de sportrubriek of artikels op de wekelijkse themapagina’s ‘Kunst en Letteren’, ‘De Cinemawereld’ en ‘Het Muziekleven’. De lezers vinden dus tijdens de tweede helft van de jaren dertig, naast de namen Julius Hoste en Marcel Stijns (die voornamelijk hoofdartikels schrijven over Belgische en internationale politiek), in hun krant ook - van sporadisch tot zeer regelmatig - de naam en/of initialen van onder anderen Frans Demers (grote Afrikaanse reportages), Jan Hadermann (muziek, maar ook cultuur in het algemeen, toerisme), Cypriaan Verhavert (Brussels volksleven en erfgoed), Mark Belloy (voornamelijk theater), Marcel De Ceulener (sensationele faits divers en rechtszaken, evenementen, koningshuizen, film, verkeerswetgeving), Joris De Maegt (voornamelijk film), Arthur Vandenbak (°1899/1900, sport, Brussels theater), Robert Peeters (legerkwesties), August Van Boeckxsel (literatuur), John Sacré (transportkwesties, film), Hendrik Van de Putte (economische en taalkwesties, de vervlaamste Gentse universiteit, cultuur, wetenschap), Johan De Maegt (kunst en cultuur, historische herdenkingen, Belgisch koningshuis), Leo Schalckens (luchtvaart, post, toerisme, economie, Tsjechoslovakije, Duitsland), Benjamin Van Hoorebeeck (°1891, sport), Lode Vanhaelst (literatuur), Constant Van Buggenhout (literatuur), Jef De Potter (theater), Abraham Hans (reportages, historische verjaardagen, volkstradities, huldigingen), Victor Resseler (Antwerpse politiek, literatuur), Albert Van den Berghe (° 1899, film, cultuur in het algemeen), Frans Meire (wetgeving, Hendrik Conscience), Marcel Patteet (haven van Brussel), Albert Holemans (nieuws over Diest), Jos Buyse (buitenland, zijn geboortedorp Meulebeke) en Marcel Daman (literatuur, streeknieuws uit Oost-Vlaanderen).

Affiches ter aankondiging van voordrachten door Jan Hadermann (Willemsfonds Ninove, 1936) en Leo Schalckens (Willemsfonds Tienen, 1937).

Redacteurs als Cypriaan Verhavert (als volkskundige en auteur), Frans Demers (als theaterauteur), Mark Belloy (als theaterauteur, -acteur en -regisseur), August Van Boeckxsel (als auteur), Frans Meire (als theaterauteur), Arthur Vandenbak (als theaterauteur), Victor Resseler (als politicus en uitgever) en Johan De Maegt (als journalist, kunstcriticus en auteur) genieten ook buiten de krant enige bekendheid. Verschillende journalisten (onder wie Stijns, Schalckens, Resseler, Abraham Hans, Vandenbak, Verhavert en Hadermann) geven ook regelmatig voordrachten voor verenigingen als het Willemsfonds. August Woulff is in het Vlaams-Brusselse verenigingsleven een begrip, onder andere als medeoprichter van de turnvereniging Jong Brussel en als eerste voorzitter van Kindergeluk. Sportjournalist Piet Destrebecq is een voormalige Rode Duivel.

Boven: Johan De Maegt (Het Laatste Nieuws, 24 maart 1938, p. 1). Onder: Hoofding en fragment van ‘In ’t verloren hoeksken’ (Het Laatste Nieuws, 3 januari 1938, p. 2).

Twee bekende medewerkers die doorheen de jaren een sterke stempel op de krant drukten, maken het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog niet meer mee. Eind maart 1938 overlijdt de 61-jarige journalist-kunstcriticus-auteur Johan De Maegt24, die sinds januari 1919 in dienst van Het Laatste Nieuws kwam en er de leiding had over de rubriek ‘Kunst en Letteren’. Van februari 1919 tot kort voor zijn dood publiceerde hij, linksonder op pagina twee, dagelijks cursiefjes onder de titel ‘In ’t verloren hoeksken’, die hij ondertekende met de pseudoniemen A. Rannah of Nele Klawaerdinne. De opvolger van deze rubriek, ‘Op den Uitkijk’, wordt ingevuld door verschillende redacteurs en niet meer ondertekend.

Begin juni 1939 overlijdt op 57-jarige leeftijd ook De Maegts goede vriend Abraham Hans25, die eveneens sinds kort na de Eerste Wereldoorlog verbonden was aan de krant en beroemd werd met zijn reportages en zijn als feuilleton gepubliceerde volksromans.

Affiche van Willemsfonds Zele ter aankondiging van een voordracht over Polen door Maurits De Praetere, ‘de opsteller van de belangwekkende artikels over dit onderwerp in “Het Laatste Nieuws” verschenen.’

Gastbijdragen

Ook sommige gastmedewerkers zien hun bijdragen aan Het Laatste Nieuws ondertekend gepubliceerd. Onder hen drie Nederlanders: de landbouwkundige Bastiaan Veth26, levert land- en tuinbouwkronieken en ondertekent met B.M. Veth, de journalist/avonturier J.K. Brederode27 brengt grote reportages uit het Nabije en Verre Oosten, en Sjoerd Broersma28, de correspondent buitenland van het Algemeen Handelsblad, levert aan Het Laatste Nieuws artikels over onder andere Polen, de Baltische Staten en Finland. Daarnaast zien de lezers ook ondertekende artikels opduiken van de Antwerpse auteur en journalist Emmanuel De Bom29 (over literatuur en aanverwante onderwerpen), de Gentse auteur-journalist Maurits De Praetere30 (met onder andere oorlogsgerelateerd nieuws uit Polen en andere Europese landen), toneelschrijver Gaston Martens (met reportages over Zuid-Frankrijk, waar hij vanaf 1937 woont), schrijver Ernest Claes (met een reeks over zijn ervaringen in het Franse kuuroord Châtel-Guyon), Rover en ‘de J.’ (de correspondenten van Het Laatste Nieuws in Londen en Genève) of Gentse professoren als Niko Gunzburg (over Egyptische politiek en geschiedenis), Paul De Keyser (over literatuur, folklore, Schotland en Denemarken), Franz De Backer (over literatuur), Hans Van Werveke (over de Guldensporenslag en over Marnix van Sint-Aldegonde), Paul Van Oye (over zijn IJslandreis met de Mercator) en Amaat Burssens (over Congo en Afrika in het algemeen), die boven hun artikels ook met hun functie als professor worden aangeduid. Deze gastbijdragers krijgen een vergoeding31 per gepubliceerd artikel. Ten slotte neemt Het Laatste Nieuws via Opera Mundi of andere gespecialiseerde herplaatsingsagentschappen ook artikels op van toonaangevende internationale figuren zoals de Britse politicus Winston Churchill.

Jaarboek van de Belgische Pers 1937-1938, uitgegeven door de Algemene Belgische Persbond.

Contractuele kwesties

De nieuwe arbeidscontracten32 die oudgedienden Jan Hadermann en Mark Belloy - waarschijnlijk net als hun collega’s - op 1 januari 1938 ondertekenen, geven een kijk in de arbeidsrelaties tussen de directie van Het Laatste Nieuws en haar journalisten, al zijn ze gebaseerd op het modelcontract33 dat journalisten en directies binnen het Raadplegend Comiteit van het Persstatuut uitwerkten en zijn ze dus niet specifiek ontworpen voor Het Laatste Nieuws. Dit Comiteit stuurde het door haar leden unaniem goedgekeurde ‘type-contract’ pas op 21 december 1937 naar alle Belgische krantendirecties. Het Laatste Nieuws implementeert de contracten dus behoorlijk snel.

Naast bepalingen over onder andere de inhoud van het werk (breed omschreven als ‘alle opdrachten en ambten die verband houden met de redactie’), de werktijd (maximum 48 uur per week bij ‘zittend’ redactiewerk), vakantie, opzegtermijnen en -vergoedingen, langdurige ziekte en overlijden wordt ook uitdrukkelijk bepaald dat de journalist ‘generlei functie of mandaat [zal] kunnen aanvaarden, buiten de organisatie van het dagblad, dan met voorafgaande schriftelijk-vastgelegde toestemming van zijn dagblad’. Deontologisch verbindt hij zich er ook toe geen vergoedingen van derden te aanvaarden voor het opnemen van berichten in de krant.

Julius Hoste, [1936-1938].

In verband met de opzeg van het contract zijn twee uitzonderingsbepalingen, die verband houden met uitzonderlijke omstandigheden, van belang. De eerste uitzondering bepaalt dat ‘In geval van werkelijke overdracht van den eigendom van het dagblad, indien althans de statuten van het dagblad, zooals die bestonden op ’t oogenblik van het sluiten van onderhavige overeenkomst, gewijzigd worden, of in geval van vrijwillige likwidatie’ zowel de duur van de opzegtermijn als de opzegvergoeding zullen ‘vastgesteld worden langs scheidsrechterlijken weg.’ Bij ‘langdurig niet-verschijnen van het dagblad wegens overmacht’ of wanneer de directie van de krant daartoe beslist als gevolg van ‘oorlog, revolutie of wijziging van het persregiem vastgesteld door art. 18 van de Belgische Grondwet’ (het artikel dat bepaalt dat de drukpers vrij is en de censuur nooit kan ingesteld worden), is er echter ‘geen enkele opzeggingstermijn […] verschuldigd.’ Wanneer de directie van Het Laatste Nieuws, in de praktijk Julius Hoste jr. zelf of een van zijn gevolmachtigden, als gevolg van een oorlog of een instelling van perscensuur zou beslissen om de publicatie van de krant stop te zetten, hebben de redacteurs dus contractueel gezien nergens recht op.

Dit artikel past in een reeks gewijd aan Het Laatste Nieuws net voor, tijdens en net na de Tweede Wereldoorlog. Bezit u archiefmateriaal van personen die in deze periode voor Het Laatste Nieuws werkten (bijvoorbeeld brieven, foto’s, dagboeken, memoires) of promotiemateriaal van de krant, en mag dat geraadpleegd worden voor historisch onderzoek? Neem graag contact op met sebastien.baudart@liberas.eu.

Bronnen, noten en/of referenties

1. Tenzij anders aangegeven, is dit artikel gebaseerd op: Annuaire Officiel de la Presse Belge / Officieel Jaarboek van de Belgische Pers 1937-1938 (Brussel: Algemeene Belgische Persbond, [1937]); Het Laatste Nieuws, 1930-1945; De Illustratie, 1936-1937; Le Journaliste, 1936-1940; Liberas, Archief Jan Hereng (archief nr. 1847), nr. 1: personeelslijsten; Nota’s van Mark Belloy (in ARA2, Archief Auditoraat-Generaal, Dossier groepsproces Het Laatste Nieuws, subdossier Mark Belloy & Letterenhuis, Archief Mark Belloy); Letterenhuis, Archief Gaston Durnez: getuigenissen over de redacties van De Standaard en Het Nieuws van den Dag; zeer diverse bronnen over de redacteurs, verwerkt in: Sébastien Baudart, ‘HLN 1939-1945 | Beeld van een oorlogsredactie’ [in voorbereiding]; Marleen Sluydts en Anke Janssens, ‘Korte geschiedenis van de AVBB en de journalistiek in België’, in: ajp.be, geraadpleegd 18.4.2025.

2. Annuaire Officiel de la Presse Belge 1920-1921 (Brussel: Association Générale de la Presse Belge, [1920]) 107, 128, 142. De zeven redacteurs naast Julius Hoste jr. zijn Nicolas-Prosper Boeykens, August Woulff, Abraham Hans, Johan De Maegt, Maurits Liesenborghs, Robert Peeters en Cypriaan Verhavert. Enkel Woulff, Peeters en Verhavert zijn eind jaren 1930 nog in dienst.

3. J[an] Hadermann, ‘Een tweevoudig Ambtsjubileum bij “Het Laatste Nieuws”. De hh. Aug. WOULFF en Cypr. Verhavert dertig jaar aan onze redaktie verbonden’, in: Het Laatste Nieuws, 16 mei 1942: 2.

4. Voor zover gegevens beschikbaar. Van zeven van de veertig medewerkers die net voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog deel uitmaakten van de redactie, hebben we de geboorteplaats nog niet kunnen achterhalen: P. Maes, Marcel Patteet, Eugène Praet, Fernand Smedts, Arthur Vandenbak, Lode Vanhaelst en Jef De Potter.

5. Letterenhuis, brievenmap Julius Hoste jr. H 8257: Brief van Julius Hoste aan Victor Resseler, 28 februari 1933: ‘Alleen moeten wij altijd vooropstellen dat de redakteurs en beambten die voortaan benoemd worden, te Brussel moeten wonen. Er zijn teveel bezwaren gemoeid met het feit dat men hier niet zou wonen.’

6. Begin 1940 zijn minstens 17/40 redactieleden lid van het LVV en minstens 19/40 van het Willemsfonds. Minstens 23/40 zijn lid van een van beide verenigingen. (Liberas, Archief Het Volksbelang (archief nr. 693), nr. 5.1.4.: Lijst ‘Leden van het Liberaal Vlaamsch Verbond die het Volksbelang moeten ontvangen in 1940’; Liberas, Archief Willemsfonds Algemeen Bestuur (archief nr. 10), nr. OWF / 5.1.33.: Ledenlijsten 1936/1937-1941/192).

7. Liberas, Archief Familie Maerten-Schepens (archief nr. 1082), nr. 3.1.2.: Afschrift van brief van Julius Hoste jr. aan Richard Maerten m.b.t. zoektocht naar nieuwe redactiemedewerker, 7 maart 1936.

8. Letterenhuis, Archief Gaston Durnez, doos 79: Het Nieuws van den Dag, getuigenis van Hendrik De Maeyer over zijn journalistieke carrière, 1986. De Maeyer solliciteert op aanraden van Het Nieuws van den Dag-journalist Jan Weckx - die tijdens het schooljaar 1932-1933 De Maeyers leraar was op het Sint-Pieterscollege in Jette - zowel bij Het Laatste Nieuws als bij het katholieke Het Nieuws van den Dag, waar hij wordt aangenomen.

9. Hendrik-Jozef (of Henri-Joseph) Peeters.

10. Zie o.a. Gaston Durnez en Nico Van Campenhout, ‘De Maegt, Johan’, in: encyclopedievlaamsebeweging.be, geraadpleegd 30.4.2025.

11. Letterenhuis, Brievenmap Frans Demers D 327 B: Brief van Johan-Marc Elsing (Frans Beckers) aan Marnix Gijsen, 20 juni 1953.

12. Loongegevens voor mei 1940 afkomstig uit Deskundig verslag van Nestor Eemans over Het Laatste Nieuws tijdens de oorlog, 10 juni 1945 (in o.a. ARA2, Archief Auditoraat-generaal, Dossier groepsproces Het Laatste Nieuws; Letterenhuis, Archief Mark Belloy, doos 10).

13. Van enkele redacteurs zijn geen loongegevens bekend. Deze werden buiten beschouwing gelaten bij de berekening van het gemiddelde loon.

14. Betreffende het loon van de portiers: Liberas, Archief Jan Hereng (archief nr. 1847), nr. 3: Ontvangstbewijs voor betaling van Het Laatste Nieuws aan de dagportier), 22 mei 1940.

15. Letterenhuis, Archief Gaston Durnez, doos 79: getuigenis van Hendrik De Maeyer; Liberas, Archief Marcel Stijns (archief nr. 23), nr. 4.3.5.: nieuw ‘Model-Contract’ voor journalisten, januari 1945.

16. Volgens het modelcontract opgesteld door de Algemene Belgische Persbond, De Entente van Brusselse Dagbladbestuurders en het Belgisch Verbond der Bestuurders van Provinciebladen ligt voor de in Antwerpen en Gent tewerkgestelde journalisten het minimum slechts op 1.500 frank.

17. Letterenhuis, Archief Mark Belloy, doos 10: Briefjes van redacteurs aan Belloy over hun loon, november 1940.

18. Als men naar de medewerkers met het statuut van redacteur kijkt, ligt het aandeel leden hoger. Jonge journalisten moeten aan enkele voorwaarden voldoen om te kunnen aansluiten, waaronder drie jaar journalistiek als voornaamste beroep hebben en tegen regelmatige bezoldiging aan een redactie verbonden zijn. Van de ‘anciens’ zijn enkel redactiesecretaris August Woulff en de op de Antwerpse redactie werkende Jozef De Groodt niet aangesloten.

19. ARA2, Archief Sekwester van Gruppe XII, Feind- und Judenvermögen (BE-A0545.462), nr. 3015: dossier Joris Van Acker/Het Laatste Nieuws; De Illustratie, 1936-1937; Femmes d’Aujourd’hui, 1939-1940; Het Laatste Nieuws, 1939-1940; Het Rijk der Vrouw, 1939-1940; Sébastien Baudart, ‘De Illustratie’, [in voorbereiding]; Rudy Bradt, Machteld De Metsenaere en Nico Van Campenhout, ‘De Zweep’, in: encyclopedievlaamsebeweging.be, geraadpleegd 30.4.2025.

20. Zie o.a. Deskundig verslag van Nestor Eemans over Het Laatste Nieuws tijdens de oorlog, 10 juni 1945, 10 (in o.a. ARA2, Archief Auditoraat-generaal, Dossier groepsproces Het Laatste Nieuws; Letterenhuis, Archief Mark Belloy, doos 10).

21. Liberas, Archief Familie Maerten-Schepens (archief nr. 1082), nr. 3.1.2.: Afschrift van een omzendbrief van Julius Hoste jr. aan de HLN-medewerkers, 30 juni 1932; Taalkundige Wenken voor berichtgevers en medewerkers van Het Laatste Nieuws, (Brussel: Het Laatste Nieuws, [jaren 1930]): 3 (citaten).

22. Liberas, Archief Familie Maerten-Schepens (archief nr. 1082), nr. 3.1.2.: Afschrift van een brief van Julius Hoste jr. aan Richard Maerten over bijdragen met foto, 9 januari 1936.

23. Liberas, Archief Familie Maerten-Schepens (archief nr. 1082), nr. 3.1.2.: Brieven van Julius Hoste jr. aan Richard Maerten, 1919; Het Volksbelang, 63, nr. 26 (1 juli 1950): 4; Kim Descheemaeker, ‘Een inkijk in het gedachteleven van Julius Hoste jr.’, in: Liberas Stories Magazine, geraadpleegd 30.4.2025.

24. Zie o.a. Letterenhuis, Mappen Johan De Maegt M 152; Gaston Durnez en Nico Van Campenhout, ‘De Maegt, Johan’, in: encyclopedievlaamsebeweging.be, geraadpleegd 30.4.2025; A[braham Hans], ‘Ter nagedachtenis. Bij het overlijden van Johan De Maegt’, in: Het Laatste Nieuws, 29 maart 1938: 12; Aug[ust] Peeters-Wallaert, ‘Johan De Maegt 1876-1938’, in: Kindergeluk, 15, nr. 5 (mei 1938): 3-5.

25. Zie o.a. Gaston Durnez, ‘Hans, Abraham’, in: encyclopedievlaamsebeweging.be, geraadpleegd 30.4.2025; Bart D’hondt, ‘Wie schrijft, die blijft - Hans Abraham’, in: kortweg.brussels, geraadpleegd 30.4.2025.

26. Zie o.a. de Belgische pers over het proces Belgapress, maart 1946.

27. Zie o.a. Angela Dekker en Jessica Voeten, ‘De geschiedenis van een papieren oorlogsbuit’, in: groene.nl, geraadpleegd 30.4.2025.

28. Zie o.a. Joh.v.H., ‘Sjoerd Broersma en Dr. R.K. Broersma-Luomajoki. Domeinen der Finse literatuur’, in: Ontmoeting, 10 (1956-1957) 250, via dbnl.org, geraadpleegd 30.4.2025.

29. Zie o.a. Chris Ceustermans, ‘De Bom, Emmanuel’, in: encyclopedievlaamsebeweging.be, geraadpleegd 30.4.2025.

30. Zie o.a. persoonsfiche Maurits de Praetere, in: collectie.letterenhuis.be, geraadpleegd 30.4.2025.

31. Zie onder andere Letterenhuis, mappen Marcel Stijns S 968 B en Het Laatste Nieuws N 3577 B, en archief Arthur Cornette C 3622 (brieven van Julius Hoste).

32. Contracten van Mark Belloy en Jan Hadermann, 1 januari 1938 (Letterenhuis, archief Mark Belloy, doos 10; ARA2, Archief Auditoraat-generaal, Dossier groepsproces Het Laatste Nieuws, subdossier Joris Van Acker).

33. Le Journaliste, 1937-1938; Liberas, Archief Marcel Stijns (archief nr. 23), nr. 4.3.5.: nieuw ‘Model-Contract’ voor journalisten, januari 1945.

Hoe verwijs je naar dit artikel?

Sébastien Baudart, "50 jaar HLN | 3. Een krant en haar redactie", Liberas Stories, laatst gewijzigd 15/12/2025.
copy url

Colofon

Liberas Stories is een realisatie van cultuurarchief Liberas. Het werd ontwikkeld door Josworld en Webdoos naar een concept van Ruben Mantels. Aan de hand van een ‘Atlas’ en een ‘Magazine’ vertelt Liberas Stories de geschiedenis van het liberalisme en worden de collecties van Liberas gepresenteerd. Deze website werd gelanceerd in juni 2021 en is sindsdien verder uitgebouwd.

De inhoud van dit portaal is bestemd voor Liberas’ erfgoedgemeenschap, maar ook voor studenten, onderzoekers en journalisten en voor iedereen die ons erfgoed wil ontdekken. Het is geen catalogus van onze collectie: die vind je op liberas.eu.

Liberas heeft geprobeerd alle rechthebbenden op beeldmateriaal te contacteren. Personen of organisaties die zich alsnog in hun rechten voelen geschaad nemen contact op met Liberas vzw, Kramersplein 23, 9000 Gent.

Alle teksten op deze website mogen hergebruikt worden mits het overnemen van de auteurs- en bronvermelding. Alle opmerkingen met betrekking tot Liberas Stories - vragen, aanvullingen, correcties, suggesties voor nieuwe bijdragen - zijn welkom op info@liberas.eu. 

Volg ons op