Onze website gebruikt cookies om je surfervaring te verbeteren. Om deze website optimaal te gebruiken vragen we je om akkoord te gaan met ons gebruik van cookies.

Ik ga akkoord liever niet.
Collectie

Willy De Clercq: jong Kamerlid, jongste regeringslid

Minister worden, het blijft voor veel politici de ultieme bekroning voor het geleverde werk. Sommigen wachten er jarenlang op, soms tevergeefs. Door een gunstige samenloop van omstandigheden wordt Willy De Clercq in 1960, op zijn drieëndertigste en na amper twee jaar in de Kamer het jongste regeringslid tot dan toe.

S├ębastien Baudart
1 oktober 2021

Propagandaflyer van Willy De Clercq voor de Kamer- en Provincieraadsverkiezingen van 1 juni 1958 (arrondissement Gent-Eeklo).

Willy De Clercq op de liberale lijsten

Wanneer hij in 1958 op de liberale lijst staat bij de parlements- en de provincieraadsverkiezingen is de dertigjarige Gentse advocaat Willy De Clercq al enkele jaren politiek actief binnen de Gentse Liberale Associatie en de Liberale Volksvereniging Help U Zelf. In oktober 1952 wordt hij verkozen op de liberale lijst bij de Gentse gemeenteraadsverkiezingen, maar een jaar later moet hij al ontslag nemen om zijn legerdienst te vervullen. Via zijn vader komt de jonge De Clercq in contact met Henri Liebaert – in 1953-1954 nationaal voorzitter van de Liberale Partij en van 1954 tot 1958 minister van Financiën – die zijn politieke mentor wordt en zijn carrière mee lanceert. In 1954 schopt De Clercq het tot voorzitter van het Nationaal Verbond der Liberale Jeugd van België, in 1957 wordt hij aangesteld tot adjunct-secretaris-generaal van de Liberale Partij. Tegelijkertijd bouwt hij een breed netwerk uit door bijeenkomsten van diverse verenigingen af te schuimen en als gastspreker op te treden. Voor de parlementsverkiezingen van 1 juni 1958 krijgt De Clercq de eerste plaats bij de opvolgers voor het arrondissement Gent-Eeklo, Liebaert trekt de lijst. De Clercq staat ook op de derde plaats van de provincieraadslijst. Met als slogans ‘Stem jong! Stem nieuw! Stem Willy De Clercq’ en ‘Jong, Dynamisch, Volksgeliefd’ voert hij in het Nederlands én het Frans een campagne waarin zijn jonge leeftijd, vernieuwing en het liberalisme centraal staan.

Henri Liebaert in 1955.

Een kortstondig bezwaar

‘Moest U vinden dat ik te jong ben, […] het is slechts een kortstondig bezwaar dat maar al te spoedig verdwijnt’, stelt De Clercq in april de lezers van een eerste ronselbrief gerust. Aan wie denkt dat ‘jong zijn zekere waarborgen biedt’, stelt hij voor zijn uiteenzetting verder te lezen. Die verdere uitleg gaat voornamelijk over zijn liberaal zijn en zijn ‘geloof dat hoe liberaler de staat is, hoe beter men er leeft’, maar ook over meer koopkracht en ‘meer en beter onderwijs voor alle kinderen van ons volk’. In een tweede ronselbrief in mei geeft hij nog eens aan dat de verkiezingen niet gaan over welke partij het haalt, maar over ‘onze levenswijze van morgen’: ‘Zonder een sterke Liberale Partij zouden een verdeelde CVP en een immer demagogische BSP een regering vormen waarin de invloed van de grote syndicaten, van het dirigisme, van de bureaucratie, van de belastinginkwisitie [sic] zouden zegevieren. Verdraagzaamheid, vrijheid en menselijke waardigheid zouden moeten wijken voor demagogie, extremisme en “gemeenschapscultuur”!’. Hij doet dan ook een beroep op het ‘gezond verstand’ van de lezer en verzekert hem/haar ‘steeds al mijn krachten aan te wenden opdat België zou blijven een land van vrijheid, rechtvaardigheid en welvaart’.1

Willy De Clercq in de Kamer

De Clercq haalt als eerste opvolger uiteindelijk 1339 voorkeurstemmen. In oktober 1958, bij de start van het parlementaire jaar, doet lijsttrekker Liebaert conform aan de binnen de partij gemaakte afspraken afstand van zijn Kamerzetel. Op 11 november 1958 legt De Clercq de eed af als volksvertegenwoordiger. Liberaal fractieleider Charles Janssens wijst hem de Kamercommissie Financiën en Economische Zaken toe, dezelfde als voorganger Liebaert. Het jonge Kamerlid valt ook premier Eyskens op, onder andere tijdens het debat over de financeel-economische politiek van de regering in november 1959.

‘Van liberale zijde viel de redevoering van de jonge liberale volksvertegenwoordiger Willy De Clercq het meest op.’ Gaston Eyskens over debatten in november 1959, memoires2

De regering-Eyskens III

De verkiezingen van 1 april 1958 zorgen niet enkel voor de intrede van De Clercq in de Kamer, ze betekenen het einde van de paarse regeringsformule die onder premier Achille Van Acker sinds april 1954 het land leidde. Zowel de liberalen als de socialisten gaan bij deze verkiezingen licht achteruit, de CVP/PSC wint. Een coalitie vormen is moeilijk. Uiteindelijk krijgt Gaston Eyskens op 1 juli 1958 het vertrouwen van de Kamer voor een homogene CVP/PSC-minderheidsregering (Eyskens II), met de steun van de West-Vlaamse liberalen Hilaire Lahaye en Adolphe Van Glabbeke. De onderhandelingen door christendemocraten, socialisten en liberalen rond het Schoolpact, dat uiteindelijk op 20 november officieel wordt ondertekend, maken samen met parallelle onderhandelingen van premier Eyskens met de liberalen de weg vrij voor hun opname in de regering. De regering-Eyskens III, ook wel de regering Eyskens-Lilar genoemd, legt de eed af op 6 november 1958.

Verschuivingen binnen Eyskens III

De crisis rond de onafhankelijkheid van Congo tijdens de zomer van 1960 en de daaropvolgende regeringsvijandige perscampagnes in combinatie met manoeuvres van het Hof om de regering-Eyskens te vervangen door een zakenkabinet, zorgen begin september voor een nieuwe start van Eyskens III met een opgefriste regering. Op vrijdag 2 september 1960, twintig voor acht, lost Eyskens op een persconferentie de namen van de nieuwe ministers die zijn regering een nieuw elan moeten geven. Hij geeft de aanwezige journalisten mee dat hij hiermee een eind zal maken aan een ‘film vol spanning’, ‘die gedurende veertien dagen oorzaak was van uw ongeduld’3. Lange en moeizame onderhandelingen tussen premier Eyskens, CVP-voorzitter Théo Lefèvre en liberaal voorzitter Roger Motz gingen aan het akkoord over de bijsturing van het regeerprogramma en de herschikking van de regeringsploeg vooraf. Voor de liberalen verlaat minister van Justitie Laurent Merchiers de regering. Albert Lilar neemt het departement over en laat het ‘ondervoorzitterschap van de kabinetsraad’ (het vicepremierschap) over aan René Lefebvre, die minister van Binnenlandse Zaken blijft. Raoul Vreven wordt minister voor Coördinatie van de institutionele hervormingen. Willy De Clercq en Roger de Looze worden bevoegd voor respectievelijk Begroting en Energie. Ze krijgen de titel van minister-onderstaatssecretaris, een bizarre benaming die nodig is om de functie van staatssecretaris grondwettelijk te maken. De nieuwe regeringsleden leggen op zaterdag 3 september 1960 de eed af bij koning Boudewijn.

Laurent Merchiers.

Gentse wissel

Met zijn benoeming tot minister-onderstaatssecretaris wordt Willy De Clercq meteen het jongste regeringslid tot dan toe in de Belgische geschiedenis. Zijn benoeming is het gevolg van een Gentse wissel: partijvoorzitter Motz maakt van de opfrissingsoperatie gebruik om binnen de regering van Gents liberaal boegbeeld te wisselen en vervangt Merchiers door de jonge De Clercq. De Clercq voelt zich ‘vereerd, maar ook bijzonder verveeld’ met het opzijschuiven van zijn stadsgenoot, maar stemt toch toe. De Clercq: ‘Het spreekt vanzelf dat meester Merchiers niet gelukkig was, maar uiteindelijk had hij er begrip voor’.4

Een ervaring van korte duur

De Clercq bekleedt de post van Begroting op het moment dat de regering, ondanks een grote stakingsgolf in december 1960 en januari 1961, de Eenheidswet goedgekeurd krijgt. Deze wet omvat een ambitieus sociaaleconomisch en financieel hervormingsprogramma en gaat gepaard met een besparings- en soberheidsbeleid, en met nieuwe belastingen. Het door de regering gevoerde beleid ligt gevoelig binnen de liberale partij. De Clercq trekt regelmatig naar liberale bijeenkomsten om de maatregelen te kaderen en te verdedigen, te wijzen op hun noodzaak om de staatsfinanciën op orde krijgen en een beroep te doen op de medewerking en de burgerzin van de bevolking. Maar de eerste ministeriële ervaring van Willy De Clercq is uiteindelijk van korte duur: onenigheden tussen de christendemocratische en liberale coalitiepartners én binnen de CVP/PSC destabiliseren de regering. Eyskens probeert tevergeefs zijn regering nog te redden, maar zowel zijn eigen partijvoorzitter Theo Lefèvre als liberaal voorzitter Motz sturen aan op vervroegde verkiezingen. Op 17 februari 1961 geven de liberale ministers hun ontslag naar aanleiding van een technisch conflict over de uitvoering van de Eenheidswet. Op 20 februari weigert koning Boudewijn dit ontslag maar tekent hij het ontbindingsbesluit van Kamer, Senaat en de provincieraden.

Bij de daaropvolgende verkiezingen van 26 maart 1961 krijgt De Clercq de eerste plaats op de liberale Kamerlijst voor Gent-Eeklo. Laurent Merchiers trekt er de Senaatslijst. Ondanks zijn nieuwe status van gevestigde waarde speelt De Clercq ook bij deze campagne zijn jonge leeftijd uit met slogans als ‘de Toekomst hoort aan de Jongeren’. In een ‘open brief’aan zijn potentiële kiezers stelt hij de ‘vernieuwde Liberale Partij’ voor als ‘een sterke centrumpartij’ en pleit hij voor een ‘nieuwe politiek’, met een combinatie van budgettaire sanering, economische expansie en sociale vooruitgang. Hij grijpt de stakingen rond de Eenheidswet aan om een juridisch statuut te eisen voor de vakbonden en de werkgeversorganisaties en pleit voor een doortastende regering en ‘beperkte kabinetten bestaande uit energieke, jonge mannen’. Hij benadrukt de ‘doorslaggevende rol’ van de ‘jonge ministers’ tijdens de voorbije crisisperiode en wijst op het feit dat de jongste ministers uit de regering liberalen zijn. Vanop zijn lijsttrekkersplaats verzesvoudigt hij zijn aantal voorkeurstemmen naar 9136. Nationaal gezien gaan de liberalen er op het vlak van stemmenaantal licht op vooruit, maar verliezen ze een zetel. Ze vallen bij de vorming van de rooms-rode regering-Lefèvre uit de boot, zodat de kortstondige regeringsverantwoordelijkheid van De Clercq voorlopig geen vervolg krijgt.

Bronnen, noten en/of referenties

1. Liberas, Archiefcollectie verkiezingspropaganda (archief nr. 2000), BRIEF001514; BRIEF001533

2. Gaston Eyskens en Jozef Smits, Gaston Eyskens: de memoires (Tielt: Lannoo, 1993) 496.

3. Het Laatste Nieuws, 3 september 1960, 3.

4.  Thierry Goorden, Willy de Clercq, een biografie. De kunst van het haalbare (Tielt: Lannoo, 2004), 72-73.

5. Liberas, Archiefcollectie verkiezingspropaganda (archief nr. 2000), PAMFLET004181. 

Liberas, Archiefcollectie verkiezingspropaganda (archief nr. 2000).

Het Laatste Nieuws, 3 september 1960, 1, 3; 5 september 1960, 2.

Bart D’hondt, ‘Willy de Clercq’, in: Nationaal Biografisch Woordenboek (Brussel: Paleis der Academiën, 2020), XXIV: 205-225.

Thierry Goorden, Willy de Clercq, een biografie. De kunst van het haalbare (Tielt: Lannoo, 2004), 63-79.

Walter Prevenier, ‘Willy De Clercq: Een Belgisch politicus van Europees formaat’, in: Vijftig jaar liberale praxis. Willy De Clercq vijfenzeventig jaar (Gent: Liberaal Archief, 2002), online versie.

Gaston Eyskens en Jozef Smits, Gaston Eyskens: de memoires (Tielt: Lannoo, 1993) 496, 593-645.

Jean Stengers, ‘De confrontatie van de partij met het algemeen enkelvoudig stemrecht: 1919-1961’, in: Het Liberalisme in België. Tweehonderd jaar geschiedenis, eds. Adriaan Verhulst en Hervé Hasquin (Brussel/Gent: Delta/Paul Hymanscentrum/Liberaal Archief, 1989) 130-132.

Jacques Willequet, ‘Regeringsdeelnemingen: 1914-1961’, in: Het Liberalisme in België. Tweehonderd jaar geschiedenis, eds. Adriaan Verhulst en Hervé Hasquin (Brussel/Gent: Paul Hymanscentrum/Uitgeverij Delta/Liberaal Archief, 1989) 293-294.

Vincent Dujardin en Michel Dumoulin, ‘Maakt eendracht nog altijd macht? 1950-1970’, in: Nieuwe geschiedenis van België III. 1950-heden, eds. Vincent Dujardin, Michel Dumoulin, Marnix Beyen, Emmanuel Gerard en Mark Van Den Wijngaert (Tielt: Lannoo, 2009), 1425-1442.

P. Aspeslagh, F. Verleden, N. Matheve, C. Heyneman, E. Gerard, Belelite. Databank van de Belgische regeringen sinds 1831, geraadpleegd 14.4.2021.

Le Soir, 11 november 1960, 2, 13 november 1960, 1, 18 februari 1961, 1 en 22 februari 1961, 1.

Hoe verwijs je naar dit artikel?

S├ębastien Baudart, "Willy De Clercq: jong Kamerlid, jongste regeringslid", Liberas Stories, laatst gewijzigd 01/10/2021.
copy url

Colofon

Liberas Stories is een realisatie van cultuurarchief Liberas. Het werd ontwikkeld door Josworld en Webdoos naar een concept van Ruben Mantels. Aan de hand van een ‘Atlas’ en een ‘Magazine’ vertelt Liberas Stories de geschiedenis van het liberalisme en worden de collecties van Liberas gepresenteerd. Deze website werd gelanceerd in juni 2021 en is sindsdien verder uitgebouwd.

De inhoud van dit portaal is bestemd voor Liberas’ erfgoedgemeenschap, maar ook voor studenten, onderzoekers en journalisten en voor iedereen die ons erfgoed wil ontdekken. Het is geen catalogus van onze collectie: die vind je op liberas.eu.

Alle teksten op deze website mogen hergebruikt worden mits het overnemen van de auteurs- en bronvermelding. Alle opmerkingen met betrekking tot Liberas Stories - vragen, aanvullingen, correcties, suggesties voor nieuwe bijdragen - zijn welkom op info@liberas.eu. 

Volg ons op